Bog oak

Doran's Point



Tijdens het verkennen van mijn directe omgeving, stuitte ik vorige week op een bijzonder fenomeen, dat ik nog niet eerder zag. Samen met mijn zoon Vincent keek ik wat rond bij Doran’s Point, een klein haventje met een veerdienst naar het eilandje Inishbiggle, 10 km ten zuiden van mijn woonplaats.
Het veenland loopt hier over in een zanderige kustlijn die bezaaid ligt met grote en kleine ronde stenen. Wanneer ik over het strand loop, voel ik op veel plaatsen de grond onder me sponzig veren en vertwijfeld vraag ik me af of de mogelijkheid bestaat dat ik zal wegzakken. Beelden doemen op uit mijn kindertijd, toen ik op zaterdagmiddag altijd keek naar 'Daktari' een van mijn favoriete televisieseries in die tijd. In deze serie zakte een man, de slechterik,  op een gegeven moment weg in een moeras. Langzaam werd hij verzwolgen door de vloeibare aarde. Hoewel hij wanhopig om hulp riep, kon niemand hem nog helpen. Het beeld van de schreeuwende man met  alleen nog zijn hoofd boven de drab van het moeras, voordat hij geheel verdween, zal ik nooit meer vergeten, zoveel indruk maakte dit op mij als kind. Voorzichtigheid is geboden dus in het moeras!





Verder lopend zie ik dat de branding  grote stukken veen heeft weggehapt, wat resulteert in een soort kliflandschap van veen van ongeveer een tot twee meter hoog. Dit is een bijzonder gezicht en goed zichtbaar zijn de verschillende lagen veen. 




Maar nog iets anders is blootgelegd door het wegspoelen van het veen: op het strand, tussen de stenen, zie ik een boomstronk nog met zijn wortels vastgehecht in de bodem. Bog oak!
Bog oak wordt gebruikt als aanduiding voor Iers moerashout dat duizenden jaren geleden in de veenmoerassen is begraven.

Bog oak






  
Rond 7000 voor Chr. veroorzaakte de stijging van de zeespiegel overstromingen in de laaglanden en begonnen vennen en moerassen zich te vormen. In een periode van een paar duizend jaar daarna werd het klimaat van Ierland warmer, de veengebieden relatief klein en grote bossen van gigantische eiken, pijnbomen en taxusbomen bedekten het grootste deel van het land. Rond 4200 v. Chr. verslechterde het klimaat en werd het veel natter en koeler. Dit veroorzaakte de achteruitgang van de bossen. Tegelijkertijd begonnen mensen de bossen te kappen voor landbouw. De afname van bossen resulteerde in een sterk toegenomen afvloeiing van regenwater uit het land, waardoor de verspreiding van veengebieden werd bevorderd. Toen de moerassen en venen zich verspreidden, verdronken bomen aan de randen van het moeras.


In Ierland wordt moerashout ‘Bog oak’ genoemd, maar het kan ook afkomstig zijn van andere bomen zoals taxus en pijnboom.
Het hout wordt bewaard door de zure veenwaters, toen de venen zich uitbreidden en de bomen verdronken, was het hout volledig doordrenkt en begraven. Dit vertraagde of stopte zelfs het normale proces van verval. De chemische verbindingen in het veenwater reageren met het hout en doet het van kleur veranderen. Veeneik is meestal donkerbruin tot gitzwart, het hout van de pijnboom roodachtig en dat van de taxus beige tot donkerbruin. Hoe ouder het hout, hoe zwarter het kleurt.
(Bron:www.burrengeopark.ie)

Wanneer het hout wordt blootgesteld aan zonlicht en lucht krijgt het oppervlakte  een bleke grijzige aanblik, maar wanneer het wordt schoongemaakt en geschuurd verandert het in de diepe donkere kleuren. Eenmaal gedroogd en bewerkt, is het keihard en moeilijk te bewerken, maar wel van een ongelofelijke schoonheid en kwaliteit. Het is dan ook niet verwonderlijk dat bog oak veel wordt gebruikt door Ierse kunstenaars, die het verwerken in kunstobjecten of exclusieve meubelen.



Enkele dagen later, kom ik op een ander strandje in Aughness South, opnieuw enkele reusachtige boomstronken tegen. Een stille getuige van een landschap van duizenden jaren geleden.

Bog oak bij Aughness South


Reacties