De bruine woestijn



Vorige week verbleef ik enkele dagen in county Kildare om de Irish Peatland Conservation Councel (IPCC) te bezoeken in Lullymore. Dit is een van fondsen en giften afhankelijke organisatie die zich inzet voor bescherming, behoud en herstel van de Ierse veenlanden.
Gedurende deze dagen had ik een interview met Catherine O’Connell, directeur van de IPCC, namen medewerkster Paula en werkstudent Chris mij enkele keren mee op sleeptouw om mij te laten zien wat de organisatie zoal doet aan bescherming en herstel, en bezocht ik de tentoonstelling in het bezoekerscentrum, waar ik veel achtergrondinformatie kon vinden. Het waren interessante maar vermoeiende dagen, zoveel informatie en dan ook nog in het Engels, dat was best pittig, aangezien mijn Engels niet echt om over naar huis te schrijven is.  
De informatie die ik heb vergaard is voor mij nuttige achtergrondinformatie en dit deel ik graag met je, wanneer het voor jou minder interessant is en ‘to much’, dan scroll je maar gewoon lekker verder. 

De IPCC is gevestigd in Lullymore, dit is in het hart van de Bog of Allen, een uitgestrekt hoogveengebied en oosten van Dublin. Hoewel het ongeveer 10.000 jaar duurde om de turf in de Bog of Allen te vormen, is bijna 90% ervan verwijderd door turfwinning in de afgelopen 400 jaar.  De organisatie heeft 185 plant- en diersoorten geregistreerd die in 17 habitats van wilde dieren leven in het landschap van Bog of Allen. Heide, orchideeën, zonnedauw, zegge en veenbessen behoren tot het aanwezige plantenleven, terwijl een enorme populatie dieren door het moeras loopt en vliegt, zoals vossen, torenvalken, tientallen soorten vlinders, libelles en andere insecten.







De IPCC werd in 1982 opgericht met als doel een ​​deel van de Ierse veengebieden voor de toekomst te behouden.

In Ierland wordt het veenland gebruikt voor:
  • Turfsteken voor huiselijk gebruik;
  • Grootschalig industrieel veenwinning ten behoeve van elektriciteitscentrales, in de vorm van gemalen veen.
  • Industrieel oogsten van turfmolm en mossen, gebruikt ten behoeve van de tuinbouw;
  • Bosbouw;
  • Begrazing;
  • Toerisme.

Sommige vormen van dit gebruik zijn zeer destructief gebleken, 80% van de Ierse veengebieden zijn hierdoor beschadigd of volledig verdwenen.

De IPCC zet zich in voor:
  • Aankoop en bescherming van reservaten van veengebieden voor natuur en habitatbehoud. Inmiddels is de organisatie eigenaar van 8 veengebieden;
  • Het bijhouden van een database van 800 veengebieden die van belang zijn voor behoud in Ierland;
  • Ontwikkeling van een strategie voor de instandhouding van veengebieden in Ierland;
  • Het verstrekken van middelen en training voor leraren en onderwijsgroepen;
  • Het bevorderen van milieubewustheid en publiciteit;
  • Onderzoek verrichten naar het herstel van door de mens beschadigde venen;
  • Het bevorderen van een positieve beeldvorming wat betreft veengebieden;
  • Het aanmoedigen van leefstijlen in harmonie met de omgeving;
  • Fondsenwerving.

Graag wil ik mijn interview met Catherine O’Connell met je delen, Hierbij een verslag van het gesprek dat ik had met Catherine:

Cahtherine O'Connell

Oost-Ierland verschilt zeer van het westen. Ze hebben beiden bogs, maar hier in het oosten is de vooruitgang meer progressief dan in het westen. In het oosten wordt nog maar door weinig mensen zelf turf gestoken, maar de mensen kopen het nog wel steeds. Ze kopen dan een grote container turf.  Het hoogveen is bijna allemaal opgegraven er is niet veel meer over. Het werk van de industriële turfwinning begon hier in het oosten in de jaren 50 en eindigt hier in het oosten.
Twee generaties geleden kwamen grote maatschappijen  zoals Bord na Mona naar de hoogveengebieden in de binnenlanden om het veenland op te kopen. Mensen kwamen naar je huis, vaak waren dit locals in dienst van de maatschappijen, dronken een kop thee met je en praatten met je over hoeveel geld ze je wilden geven voor de bog. Sommige mensen vonden dat prima, anderen boden weerstand. Maar de regering gaf de maatschappijen het recht om het land op te eisen, je kon worden gedwongen het te verkopen, dit heette ‘compulsory forces’.
Een belangrijk deel van het verhaal is, dat werd gezegd, dat wanneer de turf was gewonnen, er iets moois en iets beters voor in de plaats zou komen, zoals meren, bossen en mooi nieuw boerenland.  En mensen zouden de kans krijgen om een deel van dit nieuwe land terug te kopen. Maar dit is nooit gebeurd. Waar we hier nu mee te dealen hebben, zijn de ‘bruine woestijnen’.
Er zou voedsel worden verbouwd op de bogs, maar dit leverde commercieel niets op en alles moet wel commercieel. Tegenwoordig worden de gebieden waar de veenwinning is gestopt,  vaak bestemd als windmolenpark. Want niemand leeft daar, dus kunnen er windmolens worden gebouwd. En onder de windmolens kunnen we delen veenland weer nat maken en we kunnen delen bos creëren. Wat je nu ziet gebeuren is, dat wanneer de machines van de grote maatschappijen klaar zijn en de turf is verwijderd,  alleen de afvoer van water wordt gestopt, (drainblocking) en dan ziet men wel wat er gebeurd. Het is niet gestuurd of georganiseerd". 

Een gebied waar Bord na Mona jarenlang turf heeft gewonnen en nu de afwatering weer heeft geblokkeerd. Er ontstaat wel een soort wetland, maar daarmee is het veen nog niet hersteld.







Maar dat is niet genoeg voor herstel van het veen, daar is meer voor nodig, zoals het transplanteren van veenmossen. Er is niet genoeg budget beschikbaar gesteld om het veen  goed te herstellen. Jarenlang is de turf geoogst en heeft het veel geld opgebracht. En nu de oogst binnen is, willen de maatschappijen er zo goedkoop mogelijk mee wegkomen. Helaas, onze NCA (nature conservation agency) heeft geen macht.  Ze worden niet serieus genomen, omdat ze geen budget hebben. Ze kunnen niet naar de grote bedrijven als Bord na Mona stappen en zeggen: "hé jullie hebben beloofd het land goed te herstellen".

Het positieve van de turfindustrie was wel dat zij vanaf de jaren ‘50 werkgelegenheid creëerden in een deel van Ierland waar niets te doen was. Vanuit dat standpunt gezien, zijn zij dus ook een soort helden voor de mensen. Ze bouwden huizen en boden een manier van leven. Mensen uit andere regio's, mensen zonder werk, kwamen hier naar toe om te werken en een leven op te bouwen. De Bord na Mona had dus een grote sociale rol op het platteland.

Enkele wervingsposters uit de jaren '50 voor personeel voor de Bord na Mona, de staatsmaatschappij die op grote schaal turf wint voor elektriciteitscentrales

"Die sociale rol is er nog steeds, zij het nu op een andere manier: ze creëerden dit dode landschap, deze bruine woestijnen die veel koolstof uitstoten. Tegenwoordig willen jonge mensen weten, het maakt niet uit of ze hier op het platteland leven of in Dublin, of de dingen goed geregeld zijn op het platteland en of de situatie hier geen oorzaak is voor de opwarming van de aarde. Dat is een machtige gedachte voorwaarts.
Toen Matthijs Schouten, de voorzitter van de stichting Ierse Venen in Nederland, hier vorig jaar op bezoek was, vroeg hij zich af: “waarom is al dit afgegraven veen hier, wat gebeurt er. Is Ierland niet bezig met het klimaat zoals in Nederland? Neemt Ierland het niet serieus? Vergeet het natuurbehoud, vergeet de biodiversiteit en de natuurbescherming, wat wordt er gedaan aan de klimaatcrisis?”
Ik weet niet waar we naar toe gaan de komende 20 jaar. De opinies van de mensen verschillen nog te veel. Sommige mensen zijn boos en vinden dat we iets moeten doen aan de koolstofuitstoot.
Ter info: Gedraineerd en ingeklonken veen heeft een verhoogde uitstoot van CO2, terwijl veen dat nat is, zoals het hoort, juist het omgekeerde effect heeft, het stoot geen CO2 meer uit, integendeel, de mossen van een gezond veenland nemen juist CO2 op uit de atmosfeer".



Medewerkster Paula en student Chris brengen een stuk bogland in kaart, het betreft een afgegraven veengebied naast Lullymore West Bog. De diepte van het veen en de waterstand worden gemeten en genoteerd en de eigenschappen en de begroeiing beschreven. 




"Hoe verder men van Dublin woont, hoe minder men bereidwillig is om iets te doen voor het behoud van het veen. De gebieden in het westen zijn zo groot, er is zoveel veenland, mensen denken dat het nooit opraakt. Men heeft niet door dat de kwaliteit afneemt. De bog is er immers nog steeds.
Het is net als wanneer je bij de Cliffs of Moher staat en je geniet van het prachtige uitzicht over de zee en je beseft dat dit hier al duizenden jaren was, maar er is geen vis meer in het water. Vergelijkbaar is de situatie met het veen. Het landschap is er en de bergen zijn nog steeds prachtig, maar de dieren en planten en daarmee het ecologisch evenwicht, verdwijnen doordat we de noodzaak tot bescherming en het herstellen van de beschadigingen negeren".



"Het is zo, dat wanneer je hier 40 jaar geleden zou komen en zeggen, wij willen een deel van The Bog of Allen beschermen, de lokale bevolking ons zou hebben weggejaagd. Zij wilden banen, turfsteken. Zelfs nu nog, worden we wat vreemd aangekeken, als vreemd gezien, men vertrouwt ons niet 100%.  Veel mensen zien ons als een organisatie die de vooruitgang wil stoppen. Dit ziet men nog steeds zo. De bogs zijn er gewoon en de Ieren zien in de bescherming van de bogs geen voordelen voor zichzelf. Mensen denken dat er geen einde aan komt. Er wordt niet over nagedacht wat de mensen moeten doen wanneer de turf op is. Welke banen zijn er dan voor ze. En hoe moeten we onze huizen dan verwarmen. Wanneer er iemand van de veenbescherming langskomt en zegt dat er in een bepaald gebied niet langer turf  gewonnen mag worden, dan vindt men dat absoluut niet leuk en roept dit veel weerstand op. Het is een negatief begin om de bescherming te starten: je mag dit niet langer doen en je moet hiermee stoppen. Het kan erg confronterend zijn".

In deze afbeeldingen kun je zien hoe het hoogveen is ontstaan in de afgelopen 10.000 jaar.


"Er zou een transformatie moeten plaatsvinden naar gebruik van andere energiebronnen. We moeten onze huizen anders inrichten hiervoor. Het probleem is dat veel mensen die het betreffen, ouderen zijn, waar moeten zij naar toe tijdens de verbouwing? Er zijn wel ideeën, mensen van rond de 60 of jonger willen wel meewerken aan de transitie, willen wel zonnepanelen op het dak laten bouwen, maar onze regering is zo langzaam en draalt om dit aan te pakken. Op Europese schaal gezien is de Ierse aanpak van het klimaatprobleem zielig. Er is bijzonder weinig animo om moeite te doen voor veranderingen. Je zou in Ierland de beschermingsmaatregelen in een veel bredere context moeten plaatsen, onderdeel van een groter plan.  Om het veenland te bewaren en te beschermen en het turfsteken te stoppen, moeten we een volledig en mooi pakket kunnen aanbieden, er moet balans zijn. Zodat mensen zeggen, oké, ik stop met de turfwinning, ik werk mee.  Het zal wat pijn kosten maar we krijgen er iets anders voor terug".

"Wat betreft de hoogvenen in het binnenland, met elk veengebied dat is bewaard en beschermd, zegt men dat het is goed is voor toerisme. Het land is gek geworden van toerisme. Elk stukje veenland krijgt een boardwalk constructie nog voordat het is hersteld en gerestaureerd. Met de bedoeling de locale gemeenschap betrokken te houden. Ze moeten stoppen met de turfwinning, ze krijgen wat geld en om te voorkomen dat men klaagt er verder niets aan te hebben, wordt er een mooie boardwalk wandeling aangelegd, want de toeristen zullen komen en het is mooi voor kinderen en het zal geweldig zijn.
Ik ben hier niet echt een voorstander van. Ik denk niet dat elke bog een nationaal park is. Sommigen bogs zijn te kwetsbaar en gevoelig. Daar verliezen we dus wat".

Catherine O'Connell


"Er is nog veel werk te doen. Ondanks de Nederlandse waarschuwingen en de Nederlandse giften gingen de Ieren toch gewoon door, we steken nog steeds turf. Dat is de waarheid. We hebben erg weinig vooruitgang geboekt in het centrum van het land, in de hoogvenen van de midlands.
Je kunt het een menselijke revolutie noemen, wanneer de mensen opstaan en zeggen, de overheid heeft de Bord na Mona alle turf hier laten weghalen en nu wil de overheid de bogs beschermen en ons  nu ineens laten stoppen ons turf te steken. Vergeet niet, Bord na Mona ìs de overheid. De overheid die zegt, wij hebben alles genomen wat wij willen en nu tegen de individuele mensen zegt dat ze moeten stoppen. Mensen protesteren daartegen.
We hebben een Nature Conservation Agengy, een overheidsbeleid, die mensen probeert te overreden met dwang, zonder met de mensen te praten. Maar de overheid was erg goed met praten toen ze het land nodig hadden voor turfwinning en het wilden kopen voor energie. De overheid had in die tijd heel veel mensen in dienst, ook lokale mensen. Iemand van hier sprak dan met iemand anders van hier. Ze hadden een heel systeem uitgewerkt, hoe het veenland te vergaren. Ik denk dat het klassiek is. Het gebeurt overal op de wereld in verschillende scenario’s.
Maar geen hoeveelheid geld of geen hoeveelheid projecten en boardwalks en toerisme zal de mensen ooit doen vergeten welke schade zij hebben aangebracht aan het veenland.

Dus ja, nogmaals, er is nog veel werk te doen, dat is de ladder die wij moeten beklimmen om er iets goeds van te maken. We zetten kleine stapjes, kopen kleine stukjes veenland per keer. In het begin zeiden mensen zeiden tegen ons, we hebben dat hele boggebeuren opgelost in een paar jaar en dan zijn jullie wel weer vertrokken. Maar het is inmiddels al 33 jaar nu, we zijn er nog steeds.

Wanneer we een stuk veenland aanschaffen, moeten we daarna duizenden euro’s besteden aan o.a. drainblocking, het blokkeren van de afwatering. We organiseren regelmatig werkkampen waarbij vrijwilligers kunnen komen helpen de waterafvoer te stoppen. De mensen zien het water weer rijzen, je ziet meteen resultaat, dit geeft een mooie positieve feedback, het is een mooie manier om mensen te betrekken bij wat wij doen en mensen te interesseren in veenland.
Het verontrust de mensen wel om de bruine woestijnen te zien. Zo kaal. En in je hart weet je, welke toerist wil dat zien. Het zal vele jaren duren voordat deze gebieden er weer goed genoeg uitziet".

Drainblocking met behulp van kunststof panelen



"De bogs in Ierland hebben geen bomen. Maar in Polen zijn bomen heel natuurlijk op hun bogs. Het klimaat is daar anders en bomen kunnen er groeien, maar hier in het westen, met alle regen, is het te nat voor bomen. Het milde klimaat zorgt ervoor dat alleen mossen groeien op het veenland en regen zorgt ook voor nog meer mos. Door het vochtige klimaat groeit het mos als haar overal en dat maakt ons peatland speciaal. Laagveen kun je ook vinden in Schotland en de westkust van Noorwegen, maar verder vindt je het nergens in de wereld.
Hoogveen is bijna overal verdwenen. Het is belangrijk dat we iets hiervan weten te bewaren om te zien hoe echt nat veenland er uitziet in vergelijking met de drogere venen in het midden van Europa.

Wanneer wij een bog verwerven, dan heeft het veel drainage gehad. Gezond veenland is bijna 100% water, dus je moet wat van het water verwijderen om er op te kunnen staan en te werken en turf te kunnen steken. Dus wat wij doen wanneer we een stuk veenland hebben verworven, is de afwatering stoppen. Water is het leven van de bog. We gebruiken panelen van platsic, gemaakt van plastic flessen.  Je koopt ze in stukken van 3 meter diep, maar wij snijden ze doormidden en hameren ze vervolgens in de bog. Sommige mensen vinden het niet mooi, ze vinden ze te kunstmatig, je ziet ze inderdaad wel, ze blijven een stukje boven de bog uitsteken. Ze zullen verdwijnen als de bog groeit, maar dit gebeurt niet meer in ons leven, want veen groeit slechts 1 mm per jaar! Inmiddels hebben we zo’n 100 dammen geplaatst in deze regio. We worden geholpen door vrijwilligers". 



"Elke vrijwilliger kan deze panelen dragen naar een afgelegen deel van de bog, het is licht en handzaam. De bog is erg nat, dit is een goede oplossing zonder het veen verder te beschadigen. Het is wel duur, het kost €30,- per paneel, je hebt ongeveer 4 of 5 nodig op één afwateringskanaal. Daarnaast meten we maandelijks het waterniveau op de bog. Wat we daar voor gebruiken hebben we zelfgemaakt, een plastic buis met een nylon kous erover. Omdat de turf niet in de buis moet komen. Met een plopper meten we hoe diep het water is".

Medewerkster Paula laat zien hoe het waterpijl van de bog wordt gemeten, met behulp van een plopper.


"Veenmos is essentieel op de bog. Wanneer de waterafvoer is geblokkeerd en het water komt terug, komt daarmee niet het evenwicht van het natte veenland terug . Want als het veen is verwijderd, zijn er bijna geen planten meer op het veenland, de droge veen wordt erg hard door de zon. Dus de bovenlaag van de bog is niet erg nat, omdat het zwart is en het wordt heet door de zon. Het is een hete zwarte woestijn geworden. Maar de bovenlaag is wel een kritiek deel van de bog. Wat wij daarom doen, is het toepassen van het transplanteren van veenmos. We verwijderen de harde droge bovenste laag van het veen en dan verzamelen we mos op een ander stuk gezond veenland en verdelen we dat mos op dat deel van de bog. Vervolgens bedekken we het met stro, om het vochtig te houden, totdat de plant wortel schiet. Dat heet ‘sphagnum transfer restoration’, we hebben dit geleerd van Canada, daar doen ze het ook op deze manier".

Een voorbeeld van het succesvol toepassen van 'sphagnum transfer restoration'


"Wat in Canada gebeurde is dat mensen de grote bruine vlakten zagen en boos werden omdat ze het niet mooi vonden, het zag er echt slecht uit. De veenwinning vond daar niet plaats voor energie, maar voor het tuinieren. De bevolking wees deze industrie af, het beviel hen niet, ze vonden het lelijk en verontreinigend. Er werd een groep wetenschappers verzameld om een manier te vinden om het veenland weer te laten groeien.  Er werd een systeem bedacht om de bogs te herstellen. Het houdt in, dat wanneer de turf wordt geoogst, dat niet alle beplanting wordt verwijderd, 10% wordt in tact gelaten. Wanneer de turf is geoogst, dan gaan ze naar het deel van de bog die nooit is aangetast, daar kunnen ze dan beschikken over een hoeveelheid planten die typisch zijn voor gezond veenland, en dan snijden ze een deel van deze planten fijn en doen al het plantmateriaal in een container voor bemesting, vervolgens ploegen ze de bog als een landbouwveld om en verspreiden de plantenresten daarna over dit land. Het wordt bedekt met stro en daarna blokkeren ze de afwatering. Ik ben daar geweest en het was zeer bijzonder om te zien, binnen 3 jaar, zag het er weer uit als een natte bog. En binnen 10 jaar kon je niet meer zien dat de turf ooit gestoken was! Een student uit Canada heeft ons geholpen een paar testen te doen en het werkt, sindsdien doen we dit zelf ook op kleine schaal en promoten dit nu".

Veenmossen zijn onmisbaar voor het veen, ze zijn in staat heel veel vocht vast te houden.

"Naast turfwinning, is bosbouw ook lang een bedreiging voor het veen geweest. Coillte, (Iers voor forest) een overheidsorganisatie, plantte in het verleden een heleboel bomen in Ierland, voor de houthandel. In de periode toen de IPCC net startte in de jaren rond 1980, startte de Bord na Mona met het exploiteren van veel veengebieden, het ging erg snel, het was moeilijk bij te houden. En toen kwamen ook nog de mensen van de bosbouw die overal bomen plantten, ze waren niet te stoppen en dit alles werd gedaan onder het mom van: dit is vooruitgang, want het creëert werk.
Maar bomen planten in het natte veenland werkte niet echt, de bosbouw bleek niet erg rendabel. De bosbouw had geen commerciële waarde, nu is men zeer bedachtzaam waar bomen te planten.
Twintig jaar later werd voor het eerst een bebost veengebied gerestaureerd, met geld van de EU, de bomen werden weer verwijderd en de afwatering geblokkeerd. Er werd samengewerkt met de Nationale parken en men kwam met een plan om de schade te herstellen.  Veel plekken die waren bebost en van waarde om te conserveren, zijn inmiddels hersteld. Dus dat was het einde van de bosbouw op het veenland. Maar hoe nu verder nu de bebossing is gestopt? Want een probleem is dat de wet in Ierland is, dat wanneer je bomen kapt, je op dezelfde plaats weer nieuwe bomen moet planten. Dat maakt het dus een probleem om alle geplante bomen weer te verwijderen uit de blanket bogs.
Een schrijnend voorbeeld is county Leitrim, dit is de dunbevolktste county in Ierland. De bosbouw op veenland is daar enorm geweest, bomen werden overal gepland. De mensen uit die county zijn onlangs naar Dublin gegaan om te demonstreren en de regering te vertellen dat hun hele county was volgestopt met bomen. Boerderijen waren eilanden in het bos geworden, het heeft de county verwoest en de mensen die er wonen. Het land van de boerderijen zijn niet meer met elkaar verbonden. De sociale landelijke omgeving en structuur is verwoest en veranderd. Maar wanneer je bomen wilt verwijderen uit beschermde gebieden, dan moet je speciale toestemming krijgen van de overheid. Dus de bomen in Leithrim worden steeds opnieuw gepland, de bewoners zijn woest hierover, zij willen dit niet.

En dan was er een periode dat de EU geld uitkeerde op basis van de hoeveelheid schapen die je had. Dus hoe meer schapen, hoe meer geld. Dus er waren honderdduizenden schapen op de bog. Vooral in Connemara. Jarenlang aten de schapen alles op, ze aten echt alles weg. Wat toen gebeurde was dat de veen arm werd en alle veen spoelde weg met het water. Vervolgens kregen mensen problemen met het drinkwater dat vervuild raakte en de schapen werden ziek.  Daarna hebben een aantal wetenschappers berekend wat een toelaatbare hoeveelheid schapen is op de bog om alles in evenwicht te houden, het vinden van een balans. Men hoort liever geen kritiek op het grazen van schapen. Maar boeren weten dat door overbegrazing het veen wegspoelt in de meren en rivieren.We hebben veel gelobbyd over dit onderwerp we stuurden dan afbeeldingen van dode schapen in de bog naar de EU, met de boodschap: stop met subsidies geven hiervoor! Dus dat was dat, de subsidie stopte en het evenwicht is hersteld.

Een groot probleem in het westen van Ierland zijn de windmolens. De mening van de overheid is, dat wanneer je succesvol een windmolenpark wilt bouwen, dit moet gebeuren daar waar je de meeste wind vangt en dat is boven op de bergen. Maar dat is niet verenigbaar met natuurbehoud.
Ik was in Nederland en dit is het laagste land van Europa met het laagste zeeniveau. En wat is het eerste wat je ziet als je uit het vliegtuig komt? Windmolens. En ik dacht wat gebeurt er in Ierland, waarom moeten we ze op de top van de bergen zetten?
Maar het laatste en grootste probleem voor het veenland in Ierland blijft de altijd voortdurende turfwinning. Dat gaat steeds maar door. We moeten ons bewust worden van de dingen die we nu doen en hoe deze de toekomst bepalen”

Toen mijn idee voor het fotoproject Irish Desire ontstond in 2013 en een plan werd in 2018, had dit eerlijk gezegd toch wel als basis een romantische blik, waarbij het observeren van de mensen werkend op het veen gevoelens van nostalgie en melancholie bij mij opriepen. Het was in mijn ogen zo puur en basic en dicht bij de natuur. Dit sprak nogal tot mijn verbeelding. Inmiddels heb ik naast de schoonheid van een eeuwenoude traditie, ook de lelijkheid van het inmiddels machinale turfsteken gezien en hoe het land gehavend achterblijft.
De dagen bij de IPPC gaven me ook weer andere inzichten, nieuwe informatie om over na te denken. De puzzle begint wel op zijn plaats te vallen, ik kijk nu anders naar het landschap en lees het nieuws met hernieuwde belangstelling. Het heeft tot gevolg dat ik misschien mijn beeld en mijn plan van Irish Desire moet heroverwegen. Daar ben ik nog niet over uit, welke kant het op zal gaan. De dagen bij de IPCC gaven me toch een somber beeld van de veengebieden in Ierland. 

Reacties