Tegenstellingen



Hoewel de Ieren bijzonder vriendelijk en hartelijk zijn, merk ik toch dat het in contact komen met mogelijke kandidaten voor een interview en/of een foto, soms stroef verloopt. Regelmatig worden dingen toegezegd en reageert men joviaal en is alles ‘no problem’, maar blijft het bij vage beloftes en is het moeilijk om concrete afspraken te maken, telefoonnummers te achterhalen of namen van contactpersonen te ontvangen. Maar misschien ben ik te ongeduldig (ja klopt! hoor ik mijn kinderen zeggen…) en moet ik het even tijd geven en gewoon blijven volhouden. Het zal ook een mentaliteitskwestie zijn, de Ieren hebben best wel een layed back mentaliteit en ik ben meer van hup hup, regelen en aanpakken! Bovendien is het onderwerp voor sommige mensen ook nogal politiek beladen, mogelijk is men daarom terughoudend.

Ondertussen ga ik door met het vastleggen van de veenlandschappen in mijn omgeving, ik merk dat ik nu heel anders kijk naar het landschap dan een paar maanden geleden. Om mij heen kijkend, zie ik in eerste instantie een wijdse, groene natuur  met glooiende bergen, die overgaan in een wild en uitgestrekt veenlandschap. Maar wanneer ik beter kijk, of dichterbij kom, zie ik duidelijk de sporen van de turfwinning. Geulen, sleuven, gaten, rommelige bruine vlekken. Een achtergelaten defecte graafmachine, witte zakken gevuld met turfmoten. Er zijn maar weinig gebieden waar de veen onaangetast is. Zelfs wanneer ik de beschermde gebieden opzoek op de website van The National Park & Wildlife Service, de zogenaamde Special Aria’s of Conservation (SAC’s), en deze bezoek,  tref ik vaak een veenlandschap dat maar voor een deel intact is. Bewust probeer ik de tegenstellingen op te zoeken, aan de ene kant het veen dat bruikbaar en van nut is, geoogst wordt als energiebron, aan de andere kant de (vaak aangetaste) schoonheid van een uniek landschap.
 
Lough Gall, met op de achtergrond Claggan Mountain. Wanneer je goed kijkt, zie je de sporen van de turfwinning.


Stapels turf liggen te drogen. Op de achtergrond de bergen van National Park Ballycroy



Wanneer ik rijdend over het platteland de rookpluimen uit de schoorstenen zie opstijgen en de doordringende geur opsnuif van een turfvuur, hoort dit voor mij zo bij Ierland en dit is me dierbaar geworden. Met plezier warm ik me op frisse avonden aan mijn eigen vuur van turfmoten waar ik voor gewerkt en gezweet heb, toen ik Christy hielp met het keren en later het oogsten. Ik zie de eenvoudige schoonheid van de turf, eerst drogend op het land en daarna opgeslagen in de uitpuilende schuren, genoeg voor een winter.  En wat is het een fraai gezicht, de kunstig opgebouwde stapels turfmoten, de stacks, naast de huizen. Ik zie graag een trekker met daarachter een trailen vol turf de bog af rijden, riching het dorp. Maar misschien voel ik me er zo toe aangetrokken, juist omdat ik weet dat het binnen afzienbare tijd voorbij zal zijn. Ook Ierland zal mileumaatregelen moeten nemen, zal mee gaan in de energietransitie en zal wellicht het landschap gaan beschermen, al dan niet opgelegd door Europese regels. Dit alles zal dan geschiedenis zijn.  Het is een koude wind vandaag, ik loop naar mijn schuurtje om een emmer met turf te vullen, ik verheug me alweer op het ritueel van aanmaakblokjes, aanmaakhoutjes en walmende turf dat even op gang moet komen en daarna de warme gloed van de dansende vlammen. Het leven is goed in Ierland.


Getting the turf home, in Ballycastle













Turfstapels, 'stacks', bij Doohoma












Een gevulde turfschuur bij Doohoma

Reacties

  1. Hier in Ierland zegt men ook "when God made time he made plenty of it" dus Geduld houden.

    Groetjes
    Tim Vierhout

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten