Er is altijd een keuze
Vanochtend zag ik een kort filmpje van Robin de Puy, een bekende Nederlandse portretfotografe, die zij maakte over haar beleving van de quarantaine maatregelen. In het filmpje vertelt ze o.a. hoe ze het mist om de mensen dichtbij te hebben en te portretteren. Haar laatste vertwijfelde zin is: “Wie ben ik wanneer ik de ander niet kan zien?” Die zin raakte me, omdat het dichtbij mijn eigen onbestemd gevoel komt van de laatste paar dagen. Volledig op mezelf aangewezen, slechts af en toe een kort gesprekje met Christy of iemand in een winkel… of, als ik geluk heb, een ontmoeting ergens op een bog.
Gelukkig is er Skype en Facetime, gisteren heb ik heerlijk uitgebreid gekletst met mijn kinderen, elk afzonderlijk minstens een uur. Dat deed me goed, deed me weer leven. Het deed me ook beseffen hoe onnatuurlijk het is om geen mensen dichtbij je te hebben, niet zozeer de hele tijd, maar wel minstens af en toe. Wanneer je veel alleen bent, dan ben je alleen met je gedachten, je gedachte is je enige gezelschap, dus je denkt (te?) veel. En hoe meer je denkt, hoe minder je voelt. Meer dan ooit besef ik hoe belangrijk nabijheid van andere mensen is, interactie, uitwisseling van energie. En ik realiseer me hoe rijk ik ben met mijn kinderen en kleinkinderen, mijn familie thuis.
De situatie hier in Ierland, nu met alle restricties en het gebrek aan bewegingsvrijheid maakte dat ik me een paar dagen wat lamgeslagen voelde en passief. Ik werd moe van steeds maar weer een boodschap bedenken om een excuus te hebben om ergens naar onderweg te zijn, verder dan 2 km van huis. Gisteren bleef ik daarom thuis, om wat aan mijn foto’s te werken. Ook vanochtend stond ik besluiteloos met mijn cameratas in de hand, voelde geen aandrang en vreugde om weg te gaan. Het was al half 3 in de middag toen ik besefte wat dit alles met mij doet, waar ik mee bezig ben, wat ik laat gebeuren. Hoe dit alleen zijn me soms gevoelloos maakt af en toe en hoe ik dan als een robot mijn dingen doe.
Gisteren had ik nog gesproken met mijn zoon Sebastiaan over foute routines die er kunnen insluipen, gewoontes waar je van af wilt, of goede voornemens die niet lukken. En dat alles een keuze is…
Resoluut pakte ik daarom vanmiddag mijn jas en mijn spullen en stapte op de fiets, mezelf dwingend om in actie te komen. Zwaar trappend de heuvel op, de wind in mijn haren, voelde ik weer dat ik leefde. Ik fietste naar het strand bij Fahy, ruim 8 km verderop, liep wat rond en mijn aandacht werd getrokken naar een vreemd fenomeen wat je hier meer ziet aan sommige stranden. Door de stormen van februari en maart is vrijwel alle zand weggespoeld en de ronde keien zijn meters ver het land in gesmeten en omheiningen en hekken van boerenland meegesleurd en omvergeworpen. Daar waar het zand is weggespoeld rest nu slechts zwart veen. Het strand is veen en dit veen gaat over in de zee. Zo raar! Hier en daar steken stronken uit het veen, bog oak genoemd, restanten van een bos dat hier honderden of duizenden jaren geleden geweest moest zijn. Het hout van de wit uitgeslagen boomstronken zijn kunstwerkjes op zich. Ik begon te fotograferen en ging helemaal op in het vastleggen van dit vreemde schouwspel en was even weer gelukkig met het hier en nu.
Dankbaar dat ik de keuze heb gemaakt om naar buiten te gaan, fietste ik blij weer naar huis, in het besef, dat hoe moeilijk het nu soms ook is, deze social distancing en het alleen zijn hier, dat ik nog steeds mezelf heb en dat er altijd een keuze is…







Reacties
Een reactie posten