Hey Jude


Twee weken geleden, op één van mijn burgerlijk ongehoorzame dagen, maakte ik een wandeling zo’n 30 km. verderop, een loopwalk die ik wel vaker maakte, voorbij Mulranny aan de rand van de Nephin Beg Mountains, over een bogroad. Ik weet niet hoe je bogroad zou moeten vertalen in het Nederlands… veenweg? Bogroads zijn hobbelige gravelpaden, die hier overal het veenland doorkruisen, ten behoeve van de turfstekers. Ze zijn vaak vol kuilen en gaten, logisch, de machines en tractors laten er hun sporen na. Ik waag me er niet aan om er met de auto over te rijden, maar voor wandelingen zijn ze prima. 
Halverwege mijn wandeling zie ik een eindje van het pad een figuur scheppende bewegingen maken, onmiskenbaar een turfsteker. De man kijkt op en ik zwaai, waarna hij stopt en mijn richting op komt. We babbelen wat en wanneer ik vertel over mijn project en vraag of ik wat foto’s kan maken, reageert hij enthousiast en wijst me hoe ik dichterbij kan komen, (uiteraard wel de vereiste 2 meter afstand). Ik moet wel even een slootje overbruggen, wat mij wonderwel lukt zonder natte voeten te krijgen.

De turfsteker blijkt Jude te heten en onmiddellijk zing ik het liedje van de Beatles de rest van de dag mijn hoofd, maar spreek dat niet uit, hij zal dat wel vaker horen denk ik. Jude leerde het turfsteken van zijn vader, zoals dat meestal gaat. Al zes generaties wordt er in zijn familie van vader op zoon turf gestoken op dezelfde bog. Wanneer Jude mij vertelt dat hij 70 jaar is, kijk ik met nog meer bewondering naar zijn werk, hoe hij soepel de ene na de ander turfmoot steekt en met een zwaai opzij gooit. Ik vraag hem of dat turfsteken niet  ‘backbreaking’ is, denkend aan mijn eigen rug wanneer ik de Groningse klei in mijn tuintje in Bedum moet spitten. 



Maar Jude heeft geen last van zijn rug, integendeel, het houdt hem fit zegt hij. Ook is het een kwestie van de juiste balans en houding, de lengte van de steel van de sleán is hierbij erg belangrijk. Wel doet hij rustig aan, elke keer een stukje. Tijd genoeg daarvoor, want na jarenlang in het onderwijs te hebben gewerkt in Athlone, is hij nu met pensioen.  Helaas voelt zijn zoon niet zo veel voor het traditionele werk op de bog, de turf opbranden wil hij wel, maar er voor werken... daar heeft hij nog niet zo’n trek in.  Jude zou graag de techniek van het turfsteken op zijn zoon overdragen om zo de traditie voort te zetten. Wanneer ik vraag of de traditie dus bij zijn generatie dreigt te stoppen, zegt hij dat zijn hoop nu is gevestigd op zijn kleinzoon. Ik hoor dit wel meer, zo gaat het in veel families, de jongere generaties voelen niets meer voor het hele proces van turfwinning.

Nadat ik afscheid neem van de hartelijke Jude loop ik door en maak nog wat foto’s van het riviertje dat ik moet oversteken en een paar bomen die me elke keer weer opvallen wanneer ik hier loop.








Reacties