Oude tradities
Tot mijn schrik realiseer ik me dat het inmiddels alweer meer dan een week geleden is dat ik mijn laatste blog schreef. Ik merk dat ik in deze periode wat meer in mijzelf gekeerd raak en meer moeite heb om naar buiten te treden. Het is wel een beete dubbel, want in deze tijd van sociaal afstand houden is het verlangen naar echt contact en verbinding juist groter dan ooit. Het is een verwarrende tijd. Net als bij veel van jullie vermoed ik, zit Corona in mijn hoofd en ben ik dagelijks bezig met de crisis die nu over de wereld raast. Ik kan er ook niet omheen, want het beperkt ook steeds meer mijn bewegingsvrijheid.
Sinds afgelopen vrijdagavond zijn de maatregelen in Ierland aangescherpt. Twee meter afstand houden. Je mag alleen onderweg zijn voor werk dat essentieel is, of voor boodschappen of doktersbezoek e.d. Buiten recreëren is alleen toegestaan binnen een straal van 2 km. van je woning. Geen groepsvorming van meer dan twee mensen is toegestaan, zowel binnen als buiten, met uitzondering van gezinsleden die in het zelfde huis wonen. Dit was wel even schrikken, want betekent dit dat ik nu helemaal niets meer kan doen voor het project?
Ik had voor zaterdag afgesproken met Eamon Mularkey, een man die ik al eens interviewde omdat hij in het bezit is van een een ‘sausage machine’, dit is een machine voor het machinaal steken van turf. Eamon is met zijn machine in te huren om de turf voor je te steken. Zo stak hij ook de turf van Christy vorig jaar.
Eamon beloofde mij om mij te introduceren bij Patrick, een kennis die de turf nog met de hand steekt elk jaar en Patrick was al begonnen met steken. Na telefonisch overleg besloten we de afspraak wel gewoon door te laten gaan, we zouden wel zien hoe het zou zijn. De overheid had wel een stiptheidsactie met veel politiecontroles aangekondigd voor dat weekend, dus een beetje spannend was het wel.
Natuurlijk houd ik me aan alle regels van afstand houden en dergelijke, laat dat duidelijk zijn. Ik zou Eamon treffen in Bangor Erris bij de supermarkt. Op het moment dat ik wilde parkeren kwam Eamon langszij rijden en wenkte dat ik hem moest volgen. Ik moest wel even lachen toen ik achter hem aan reed, het leek wel of we een duister zaakje gingen afhandelen! Gelukkig was er geen blokkade en politie te zien onderweg. Van een Nederlandse vriend Robert, die in county Sligo woont, hoorde ik dat hij wel was aangehouden dat weekend, dus er waren wel degelijk controles hier en daar. Na een kwartiertje rijden volgde ik Eamon over een hobbelig semi-verhard weggetje, met veel kuilen die ontweken moesten worden. Het pad ging op een gegeven moment over in een blubberig spoor, verder rijden was geen optie. Om mij heen kijkend zag ik geulen in het veen en hier en daar nog stapels turf. Blijkbaar was dit ook de eindbestemming. Eamon stapte uit, keek vertwijfeld om zicht heen en zei dat hij het niet begreep, want Patrick zou hier moeten zijn. Geen teken van leven was er te zien. Maar gelukkig, nadat Eamon even telefonisch contact zocht met Patrick, zagen we ineens een figuur naderen vanaf de bog een stukje verder. Omdat Eamon na de introductie weer zou vertrekken, besefte ik dat ik natuurlijk wel weer zelf terug zou moeten over het pad en dat ik met mijn neus nog de verkeerde kant op stond. Hoe moest ik hier in vredesnaam keren? Het pad was smal en aan weerszijden wat stijl aflopend in het veen. ‘Oh no problem’ zei Eamon en hij gaf me wat aanwijzingen bij het keren, wat me wel even een paar zweetdruppeltjes kostte. Toen ik weer uitstapte kwam Patrick inmiddels dichterbij en prees mijn stuurkunst, ik was een goede chauffeur volgens hem. Een beetje trots was ik wel!
Terwijl we de bog over lopen, vertelt Patrick me dat hij elk jaar weer geniet van het werken op de bog, bewust huurt hij geen man met een machine, hij houdt van de lichamelijke inspanning, het buiten werken, het alleen zijn in de natuur. Vroeger als jongetje ging hij al mee met zijn vader, van wie hij deze eeuwenoude traditie leerde. Trots laat hij mij zijn dertig jaar oude sleán zien, de speciale spade die gebruikt wordt om de turfmoten uit het veen te scheppen. Wanneer hij twee weken fulltime doorwerkt, heeft hij genoeg gestoken voor een heel jaar. De turfmoten worden gestoken en naast de geul gegooid. Nadat ze iets zijn uitgehard, worden de turfmoten gespreid over het gras om verder te drogen, daarna worden ze nog een keer gekeerd en/of in kleine stapels gelegd. Patrick begint te steken en ik maak vertwijfeld wat foto's, want blij dat ik ben met het onderwerp, het licht is waardeloos, keihard zonlicht, midden op de dag. En helaas was ik mijn flitser vergeten, dus ik kon de harde schaduwen niet wegflitsen. In de nabewerking heb ik nog wel wat kunnen corrigeren, maar echt tevreden ben ik nog niet. In zwartwit komen de foto's ook niet goed tot hun recht. Misschien ga ik het over doen.
Patrick vertelt dat zijn tienerdochter een hekel heeft aan het werk op de bog en daarom altijd probeert hier onder uit te komen. Maar zijn zoontje van 5 vindt het geweldig en wil altijd graag mee om zijn vader te helpen. De uitstervende traditie van het turfsteken kan in dit gezin dus nog een generatie worden doorgegeven!





Reacties
Een reactie posten